Financieel

Prijsverschil fastfood groeit: een les voor cafetaria's?

Voor dezelfde snack betaalt de consument niet bij iedere vestiging dezelfde prijs. Fastfoodketens hanteren uiteenlopende verkoopprijzen, waarbij locatie en strategie een rol spelen. Wat betekent dit voor de prijsstrategie en winst van de cafetaria?

Prijsverschil fastfood groeit: een les voor cafetaria's?
Beeld: AI-gegenereerd met ChatGPT.
In het kort
→Dezelfde bestelling, een andere prijs.
→Data spelen grotere rol bij prijsbepaling.
→Wat betekenen de cijfers voor de cafetaria?
→Amerikaanse prijsverschillen aanzienlijk groter.

Zelfde bestelling, andere prijs

Een burger of kroket lijkt een vast product, maar de verkoopprijs kan per vestiging verschillen. Dat blijkt uit de Drive Thru Index, die de prijzen van fastfoodrestaurants verzamelt en vergelijkt op basis van hun officiële bestelapps.

Bij KFC varieert de prijs van een Zinger Burger volgens de onderzochte gegevens van € 5,99 tot € 6,99. Bij FEBO kost een kroket op de ene locatie € 3,00, terwijl de prijs elders oploopt tot € 3,40.

Prijs kwart hoger

Ook bij complete bestellingen zijn de verschillen zichtbaar. Volgens de Drive Thru Index betaalt de consument bij de duurste onderzochte FEBO-vestiging 25 procent meer voor hetzelfde mandje met producten dan bij de goedkoopste vestiging. Bij KFC bedraagt dit verschil 14 procent.

De cijfers laten zien dat prijsverschillen niet alleen ontstaan tussen verschillende formules, maar ook binnen dezelfde keten. Voor ondernemers in de fastservicebranche maakt dit het prijsbeleid een interessant onderwerp: hoe bepaal je een verkoopprijs die past bij de lokale markt én die wèl voldoende marge oplevert?

Prijsbepaling: grote rol voor data

De Australische softwareontwikkelaar Anthony Gherghetta ontwikkelde de Drive Thru Index om prijsverschillen tussen fastfoodvestigingen inzichtelijk te maken. Aanleiding was de berichtgeving over het gebruik van kunstmatige intelligentie (AI) en klantgegevens bij het bepalen van verkoopprijzen.

‘Ik las steeds dat fastfoodketens AI en klantgegevens begonnen te gebruiken om prijzen te bepalen, dus ik wilde weten of dat klopte en hoe groot de verschillen echt waren," aldus Gherghetta.

Digitale bestelapps en loyaliteitsprogramma’s geven ketens steeds meer inzicht in het aankoopgedrag van consumenten. Bedrijven kunnen hiermee onderzoeken welke producten populair zijn, waar klanten bestellen en op welke momenten de vraag toeneemt.

Die informatie kan helpen bij het ontwikkelen van een prijsstrategie en het afstemmen van aanbiedingen op de doelgroep.

De prijsverschillen uit de index bewijzen niet dat AI rechtstreeks verantwoordelijk is voor de uiteenlopende tarieven. Wel maken ze duidelijk dat prijzen binnen één formule niet altijd gelijk zijn en dat inzicht in de lokale markt een rol kan spelen bij commerciële beslissingen.

Wat betekent dit voor cafetaria's?

Voor cafetariaondernemers is de belangrijkste vraag niet welke prijs een grote fastfoodketen rekent, maar of de eigen verkoopprijzen nog aansluiten bij de kosten en de markt.

Inkoopprijzen, personeelskosten, energie en huisvesting bepalen mede hoeveel een product moet opbrengen om rendabel te blijven.

Tegelijkertijd spelen de lokale concurrentie en de verwachtingen van klanten mee. Een prijs die op de ene locatie goed werkt, hoeft op een andere locatie niet automatisch de beste keuze te zijn.

Daarom loont het om de eigen prijsstrategie regelmatig tegen het licht te houden. Kijk niet alleen naar de verkoopprijs van een losse snack, maar ook naar de marge op populaire producten, menu’s en combinaties. Juist producten die veel worden verkocht, kunnen een aanzienlijk effect hebben op het totale bedrijfsresultaat.

Ook de prijsopbouw van een menu verdient aandacht. Een aantrekkelijke combinatie kan de gemiddelde besteding verhogen, terwijl een goed onderbouwde prijs ervoor zorgt dat de extra verkoop ook daadwerkelijk bijdraagt aan de marge.

De cijfers van grote ketens vormen daarbij geen directe prijsrichtlijn voor zelfstandige cafetaria’s. Ze laten vooral zien waarom het belangrijk is om prijzen bewust vast te stellen en regelmatig te controleren.

Amerikaans prijsverschil groter

De verschillen in Nederland vallen relatief beperkt uit wanneer ze worden vergeleken met de uitschieters in de Verenigde Staten. Daar kunnen de prijzen bij McDonald’s veel verder uiteenlopen.

Volgens een publicatie van de Drive Thru Index uit oktober 2026 varieerde de prijs van een Big Mac in de Verenigde Staten van 3,99 tot 9,50 dollar, waarbij de hoogste prijs gold voor een vestiging op een luchthaven.

Wanneer dergelijke bijzondere locaties buiten beschouwing worden gelaten, liep de prijs op van 3,99 tot 8,99 dollar. Dat komt neer op een verschil van ongeveer 125 procent.

De vergelijking laat zien dat prijsverschillen binnen één fastfoodformule internationaal sterk kunnen uiteenlopen. De Nederlandse voorbeelden zijn vooralsnog gematigder, maar onderstrepen wel dat één vaste prijs niet vanzelfsprekend is bij iedere vestiging.

Prijsgrip en margezicht

Voor cafetariaondernemers draait een goede prijsstrategie om de balans tussen een aantrekkelijke verkoopprijs en een gezonde marge.

De cijfers van de Drive Thru Index bieden een aanleiding om kritisch naar de eigen prijzen te kijken, maar iedere onderneming vraagt om een eigen afweging.

Door inkoopkosten, verkoopprijzen en marges regelmatig te vergelijken en rekening te houden met de lokale concurrentie, kunnen ondernemers beter onderbouwde keuzes maken. Zo blijft prijsbeleid niet alleen een reactie op stijgende kosten, maar wordt het ook een bewust onderdeel van de commerciële bedrijfsvoering.

Bron: Drive Thru Index. De genoemde prijzen en percentages zijn afkomstig uit de aangehaalde onderzoeksgegevens en kunnen wijzigen doordat de index wordt bijgewerkt.

GrootmeesterAdvertentie