Een meerderheid van de Haarlemse politiek is vóór een fastfoodverbod in de nieuwe stationsbuurt Hart voor Oostpoort. Een motie van de Partij voor de Dieren en PRO Haarlem voor het verbieden van fastfood kreeg de goedkeuring in de Haarlemse gemeenteraad.
door Ubel Zuiderveld
Hart voor Oostpoort is een groot nieuwbouwproject bij station Haarlem-Spaarnwoude. Niet alleen komen er 900 nieuwe huizen, maar ook wordt het gebied ontwikkeld als nieuw knooppunt voor openbaar vervoer. Verwijzend naar het overgewicht in Haarlem als motivatie, stemden raadsleden voor een verbod op nieuwe fastfoodbedrijven in dit gebied.

“Ongezonde consumptie”
“Volgens het CBS zijn er in Haarlem (2024) ongeveer 1,3 fastfoodzaken per duizend inwoners, inwoners zijn wat neerkomt op ca 210 à 220 fastfoodzaken,” aldus de motietekst.
“Fastfoodzaken richten zich met name op snelle consumptie van calorierijk en sterk bewerkt voedsel, wat een ongezond consumptiepatroon stimuleert.” Omdat de gemeente zich richt op ‘een gezonde leefomgeving’ passen nieuwe fastfoodzaken niet in het beleid, aldus PvdD en PRO Haarlem.
Welk type fastfood?
In de verdere planvorming voor Hart voor Oostpoort zal het weren van fastfood nu als beleidspunt worden opgenomen. Overigens staat niet omschreven wat precies met fastfood wordt bedoeld.
Gezien de motietekst baseren de partijen zich op het CBS-segment spijsverstrekkers (SBI-56102). Hieronder vallen, naast Amerikaanse QSR-restaurants, onder meer lunchrooms, ijssalons, cafetaria’s, foodtrucks, eetkramen, dönerzaken en broodjeszaken.
“Verdacht gemaakt”
Vakvereniging ProFri verwijst in eerste reactie naar het frituurverbod dat de gemeente Almere voor de openbare ruimte wilde instellen.
ProFri schrijft: “In Haarlem gaat de redenering verder. Daar wordt niet alleen een bereidingswijze verdacht gemaakt, maar feitelijk een hele categorie fastservicebedrijven. Dat raakt snackbars, cafetaria’s en andere ondernemers die onderdeel zijn van het dagelijkse voorzieningenaanbod in wijken en buurten.”
“Sectorverbod”
ProFri spreekt in dit verband van een sectorverbod. De vakvereniging vreest juridische willekeur. In zijn reactie schrijft de vereniging: “Wie gezondheid serieus neemt, kijkt naar het geheel. Het gaat om balans, frequentie, portiegrootte, beweging en het totale voedingspatroon.”
“Een frietje, kroket of snack past prima binnen een normaal en gevarieerd eetpatroon. Een gezonde leefomgeving ontstaat niet door één branche uit te sluiten.”





































