ProFri: “Verplichte inspraak platformgebruikers in Europa”

Actueel |
7 september 2020 |
Leestijd ± 1 tot 3 minuten

Vakvereniging ProFri vindt dat het platforms van bezorgmaaltijden in Europa verplicht moet worden een inspraakorgaan in te stellen van zakelijke gebruikers zoals frituurbedrijven en restaurants. Het is één van de vele aspecten die aan de orde komen in ProFri’s inspraaknota van 20 pagina’s richting de Europese Commissie.

Met haar pleitnota reageert ProFri bij de Europese Commissie op de “openbare raadpleging inzake digitale diensten en online platforms”. De vakvereniging voor frituurspeciaalzaken is in zijn algemeenheid kritisch over de bedrijfsvoering van platforms voor bezorgmaaltijden. Volgens ProFri is van een meer gelijkwaardige positie tussen platform en zakelijk gebruiker nog lang geen sprake, ondanks de nieuwe Europese verordening Platform-to-Business (P2B) die juli jongstleden van kracht werd.

Afhankelijkheid

In de inspraaknota illustreert ProFri met tientallen voorbeelden de afhankelijkheid van horecabedrijven van leidende platforms als Thuisbezorgd.nl. Volgens de vakvereniging is direct en indirect sprake van veel invloed op de dagelijkse gang van zaken bij aangesloten bezorgbedrijven. Als voorbeelden noemt ProFri onder meer dat frituurspeciaalzaken en restaurants online niet hun eigen menukaarten kunnen beheren en de platforms de identiteit van de aangesloten bedrijven misbruiken voor eigen landingspagina’s op internet. Daarnaast stelt ProFri dat bij het hanteren van de eigen algemene voorwaarden van platforms sprake lijkt te zijn van veel willekeur.

Verhaal bij storingen

Meer transparantie is wat ProFri betreft gewenst bij de werking van algoritmes, waardoor bepaalde bezorgrestaurants hoger in rankings komen of een betere beoordeling krijgen. Ook zet de vakvereniging vraagtekens bij de wijze waarop recensies van consumenten geplaatst worden; volgens ProFri laat de verifieerbaarheid van de echtheid sterk te wensen over. ProFri pleit daarnaast voor een verhaalregeling bij storingen van het platform, omdat veel bedrijven voor hun dagomzet afhankelijk zijn van de maaltijd-intermediairs.

Ook is het voor bezorgrestaurants uiterst moeilijk bestellingen die door de consument zijn geannuleerd terug te draaien; hierdoor betalen veel bezorgrestaurants over geannuleerde bestellingen in de praktijk toch commissie. Deze en vele andere zaken trekken zo’n enorme wissel op zelfstandige horecabedrijven dat een vorm van inspraak bij de platforms dringend gewenst is, aldus ProFri.

Monopolie

Hoewel de Europese autoriteit eerder kwam tot een tegengesteld oordeel, is vakvereniging ProFri van mening dat platforms als Thuisbezorgd.nl (onderdeel van Just Eat Takeaway) in de praktijk wel degelijk een monopoliepositie bekleden in hun markt. ProFri wijst er daarnaast op dat dit monopolie zich op termijn veel breder kan doen gelden. De vakvereniging verwijst naar ontwikkelingen als zogenaamde dark kitchens (containerkeukens van de platforms zelf), een eigen horecagroothandel (Thuisbezorgd) en eigen foodbedrijven (Amazon en Whole Foods Market). ProFri stelt: “Het lijkt er sterk op dat platforms bezig zijn te bewegen in een richting waarbij ze invloed uitoefenen op, dan wel bezig zijn met overname van hele schakels in de keten.”

Winstgevendheid

ProFri benadrukt in de inspraaknota dat traditionele afhaalbedrijven als frituurspeciaalzaken in zijn algemeenheid bijna niet om platforms heen kunnen. Volgens de vakvereniging is sprake van een zeer afhankelijke positie voor de bedrijven, maar ondergraven de platforms ondertussen wel de winstgevendheid van de bezorgbedrijven. ProFri citeert in dit verband drie leden. Citaat 1: “De circa 14% commissie die ik moet afdragen, kost mij 70% van mijn winstgevendheid. Zo kan hard werken nooit lonend zijn.” Citaat 2: “Ik heb het uitgerekend; onder de streep zal ik hooguit 2% netto-rendement overhouden.” Citaat 3: “Het platform verdient aan mijn bedrijf meer dan ik zelf, terwijl ik het hele bedrijf moet runnen en daarbij ook nog eens alle risico’s draag.”

ProFri heeft de specialisten van de Europese Commissie uitgenodigd een werkbezoek te brengen aan één van haar leden, zodat een goed beeld kan worden gegeven van de dagelijkse praktijk.